zaterdag 7 januari 2012

Vrijdag 6 janauri, van Peru naar Equador.

Een reis van 590 kilometer maar met een grensovergang, dus dat zou wat oponthoud geven. Vroeg uit de veren om vroeg te kunnen vertrekken. Ik sliep op de zevende verdieping en toen ik ’s ochtends uit het raam keek zag ik een grote groep oude Volvo’s om het zwembad geparkeerd staan. Bij gebrek aan voldoende parkeergelegenheid had de directie van het hotel besloten dat we ook rond het zwembad mochten parkeren, een prachtig gezicht.


Van Chiclayo reden we recht naar het noorden en niet zoals ik verwacht had naar het noordwesten. Ik was er helemaal vanuit gegaan dat we langs de kust zouden rijden en langs plaatsen als Piura, Mancora en Tumbes zouden rijden. Ik had me dat voorgesteld maar eerlijk gezegd had ik het routeboek niet goed gelezen anders had ik geweten dat we een andere route naar het noorden zouden volgen. Geen onaangename verrassing overigens, we reden nu door een voor mij volkomen onbekend landschap. De route langs de kust kende ik al wel, die had ik vorig jaar van noord naar zuid gedaan met het openbaar vervoer, erg mooi. De route die wij nu reden ging door de binnenlanden. Een mooi heuvelachtig landschap met veel begroeiing, vooral struiken en lage bomen. Er groeien veel mangobomen langs de kant van de weg, als je zou willen kun je de mango’s vanuit de auto van de boom halen. Bomen en struiken werden afgewisseld met kleine hutjes, mijn god wat een armoede, ik had dit niet verwacht. De mensen wonen in kleine hutjes van triplex, bamboe en andere goedkope bouwmaterialen. Armoede op het eerste gezicht. Wat de armoede echter onnodig groter maakt is de enorme hoeveelheid vuilnis die overal langs de weg ligt. Het was me de dag tevoren al opgevallen dat in het noorden van Peru zo enorm slecht met het huisafval omgesprongen wordt maar dit trof alles. Het leek er op dat het huisafval van steden en dorpen ergens op een open vuilnisbelt gestort wordt waarna dieren en wind de vrije toegang hebben tot het afval. Overal langs de kant van de weg en in de stukken woestijn die de groene oases afwissellen, ligt het huisvuil verspreid. Met heel veel fantasie zou je je voor kunnen stellen dat een kunstenaar hier een project heeft willen maken ter opfleuring van de saaie woestijn. Zo veel fantasie heb ik echter niet en ik heb me dan ook groen en geel (toch een beetje opkleuring) geërgerd aan de manier waarop de mensen maar vooral ook de gemeentes met het huisvuil omgaan. Op sommige stukken had de sterke wind het huisvuil hoog in de bomen laten belanden. Een absurd gezicht.

De grensovergang was in een klein plaatsje, La Tina. De grens is een klein riviertje waarover een smalle brug ligt. Ik arriveerde als tweede, een team was ons voor, zij waren extra vroeg vertrokken omdat zij in Peru hun autopapieren kwijt waren geraakt en voor de zekerheid vroeg bij de grens wilden zijn. Met de aangifte die zij gedaan hadden wij de Peruaanse politie was het probleem echter snel  opgelost en konden zij ongehinderd de grens over.
Ook ik was snel de grens over en in dit geval heeft de douanebeambte mij verzekerd dat het niet uitmaakt via welke grens ik Peru straks weer binnen kom. Wel even heel wat anders dan het gedoe dat ik in het zuiden van Peru bij de grensovergangen heb meegemaakt.

Ecuador was direct anders, groener, schoner en mooier. En verschil van dag en nacht met het noorden van Peru.
Ik was er vanuit gegaan dat we nog door grotere plaatsen zouden komen waar ik nog zou kunnen tanken. Dat was echter niet het geval, ik reed Ecuador binnen met nog geen halve tank benzine, daarop zou ik de eerstvolgende plaats van bestemming, Loja niet halen. Aan de overkant van de grens waren alle benzinestations echter gesloten. Volgens onze Ecuatoriaanse gids, die bij de grens was ingestapt, had dat te maken met verkoopbeperkingen die door de Ecuatoriaanse staat in waren gevoerd. Benzine kost in Ecuador nog niet de helft van wat het in Peru kost. Er werd daarom aan de grens zo veel gesmokkeld dat de benzinestations aan de grens nog maar een paar uur per dag en alleen aan landgenoten mogen verkopen. Ik begon hem te knijpen want op de resterende benzine zou ik het niet halen. Ik kon weinig anders doen dan toch maar gaan rijden en hopen dat we ergens onderweg wel benzine konden kopen. We reden door een prachtig mooi berglandschap, een smalle weg door schitterend nevelwoud. Het nevelwoud loopt in Ecuador door tot op 4500 meter hoogte! Wat een verschil met de andere kant van de grens!


De teller in de auto gaf aan dat ik nog voor 20 kilometer benzine had toen we door het dorpje Catacocha binnenreed. Volgens de borden langs de weg was het nog 82 kilometer tot aan Loja, dat ging ik dus niet redden. Tot ons grote geluk was er een tankstation in het dorpje. Ik kon alleen benzine met een laag octaangehalte krijgen en ik kreeg voor niet meer dan 10 US dollar. In Ecuador geldt de Amerikaanse dollar al jaren als enig wettig betaalmiddel. Met een luchte smeekbede kreeg ik het voor elkaar dat hj er voor 20 dollar ingooide. Dat was niet eens nodig geweest, voor die 20 dollar kreeg ik 54 liter benzine, ik had mijn tank in een keer weer bijan vol en kon op zijn minst weer 500 kilometer verder. Heerlijk tanken in Ecuador!
In Loja werden we opgewacht door de burgemeester van de stad. De gemeente had ons gevraagd alle auto’s op het marktplein te parkeren, de gemeente zou voor een welkomshapje en drankje zorgen.  Nou dat was feest! In de hele reis hebben we nog niet één keer een dergelijk warm onthaal gekregen (alleen in Cusco maar daar regende we weg!). Het hele plein stond vol met mensen en de lokale fanfare deed zijn uiterste best om het gebrul van 80 oude Volvo’s te overstemmen. De gemeente had een grote tafel voor ons gedekt en we kregen allemaal een kop koffie met een gevuld maïsbroodje, een Ecuatoriaanse empanada.

Het plein zag zwart van de mensen. Iedereen wilde met een oude Volvo op de foto. Motorkappen werden opengetrokken en kenners wilden daar een blik onder werpen. Het was een ware happening  waar de halve stad voor uitgelopen was. Geweldig, wat een belangstelling. 

Geen opmerkingen:

Een reactie posten