Terug naar huis. Zes weken heb ik er nu opzitten, 19.600 kilometer had ik gereden van Cusco naar Buenos Aires en via Ushuaia naar Cartagena (om het kort te houden).
Vanochtend ben ik de auto maar weer ingestapt. Ik had natuurlijk een paar dagen in Cartagena kunnen blijven maar ik heb er voor gekozen om maar met de terugweg te beginnen. Dat is alles bij elkaar ook nog eens 4000 kilometer. Op zichzelf is de afstand geen probleem, maar ik heb geen zin om weer van die ellenlange dagen te maken. Ik wil niet nog eens alleen maar rijden, ik wil nu ook iets zien onderweg.
Vandaag heb ik een andere weg terug genomen. Een klein stukje om, maar toch door een compleet ander landschap. Het laatste stuk tot Cartagena was tropisch met veel bomen en bloemen langs de kant van de weg. Vandaag, op het eerste stuk van de terugweg, heb ik een weg door heuvelachtig landschap genomen. Ik kon nergens een goede wegenkaart van Colombia kopen, ik heb me dan ook beperkt tot het noteren van een lange lijst van plaatsjes waar ik doorheen zou moeten rijden.
Het ging op zichzelf heel goed maar toen het kompas maar aan bleef geven dat ik naar het oosten reed terwijl ik toch echt naar het zuiden moest, dacht ik toch even dat er iets niet goed ging. De wegen waren niet meer zo druk als bij het uitgaan van Cartagena, de dorpjes werden steeds kleiner en de afstand tussen deze dorpjes werd steeds groter. Colombia werkt sterk aan het verbeteren van haar reputatie en de huidige slogan is dan ook: “Het enige gevaar in Colombia is dat je er niet meer weg wilt als je er eenmaal bent geweest”. Goeie slogan want het is een schitterend land met prachtige en heel aardige mensen. En zullen waarschijnlijk ook minder aardige mensen zijn maar die was ik nog niet tegengekomen.
Geen verkeer op de weg betekent ook dat je lekker door kunt rijden, dat was op de heenweg wel anders, toen zat je kilometers achter groter vrachtwagens die niet harder dan 40 of 50 kilometer per uur reden. Lekker doorrijden betekende ook dat ik sneller uit dit eenzame landschap zou komen en ik reed dan ook flink door. Na drie uur kwam ik weer redelijk in de bewoonde wereld en dat geeft dan toch weer wat rust.
Naar Medellin doorrijden werd me sterk afgeraden, dan zou ik het laatste stuk door het donker moeten en dat is nog steeds niet echt een pretje in Colombia. Ik besloot dan ook maar te overnachten in het stadje Montería. Medellin komt morgen wel en als het lukt rijd ik daar nog een stuk aan voorbij.
Ik had een hotel doorgekregen via een Colombiaanse VVV gids. Van de routebeschrijving klopte echter niet veel, ik kwam in een buurt terecht waar ik niet moest zijn en waar ik ook niet wílde zijn. Deuren op slot en gauw doorrijden naar een wat prettigere omgeving. Die heb ik gevonden en in een goedkoop hotelletje zit ik nu mijn blog bij te werken. Goedkoop maar met een goede wi-fi verbinding. Het is warm in Montería, toen ik om zeven uur vanavond bij het hotel kwam was het nog 32 graden. Het grappige is dat de douche in het hotel ook maar één kraan heeft, alleen koud!
Geen opmerkingen:
Een reactie posten